ZEELAND.


Overige Zeeuwse plaatsen:

Type ZN

  
Voorzijde :
DE TONNE VAN DE KLOOT
Keerzijde : Jaartal waarboven (kopstaand) in een kader
4.G.L
Referentie: M.G.A. de Man, nummer 1, plaat IV-1
Uit de Numismatische Geschriften van mej. Marie G.A. de Man, met o.a. artikelen over Zeeuwse loodjes, heb ik de volgende gegevens ontleend;
De te bespreken loodjes stammen uit de tijd dat Zeeland zich aansloot bij de Franse beweging in ons land.
De loodjes werden verstrekt door de bakenaar als bewijs dat men het verschuldigde tonne- of passagegeld voor zijn schip had betaald, zoals de verordeningen voorschreven.
1.) Op de voorzijde staat: "DE / TONNE / VAN DE / KLOOT" en op de keerzijde het jaar tal 1793 waarboven in een kader "4.G.L" is gestempeld.
Het beschreven loodje maakte deel uit van de verzameling van mej. de Man en is in haar boek afgebeeld op plaat IV no.1.
De Caloot, in de wandeling doorgaans Kloot genaamd, was een met tonnen of bakens voorziene zandbank, of plaat op de Westerschelde, die elk naar Antwerpen varend schip moest passeren.
Het loodje was dus een bewijs dat men de verschuldigde vier gulden had betaald.
Als een schip in de omtrek van Schouwen of Veere verging zeiden de schippers dat het gestrand was op de Banjert. 
Ook de Caloot is een algemene benaming voor alle ondiepten in de Westerschelde.

jaar

mm

bijzonderheden

1765

22 x 24

Muntenbodemvondsten

1793

 

collectie Geldmuseum M0957, ex collectie M.G.A. de Man, nummer 1, plaat IV-1