Leprozen- Lazaruspenningen
en aanverwante zaken

Voor De Beeldenaar van September/Oktober 2013, 37e jaargang NR., heb ik het volgende artikel geschreven:
'Je mag niet door m'n straatje gaan' Leprozenpenningen van Gouda en Enkhuizen".
In het boekje "Van Pest tot Pokken" van A.G. Zwart-Kramer en P.A.M. Zwart, uitgave van Vereniging "Oud Enkhuizen" 1993, staat op bladzijde 62 een foto van de leprozenloodjes en o.a. de tekst "In de Stadsmuseumcollectie van Enkhuizen bevinden zich enkele exemplaren in koper/brons en lood, zoals de afbeelding toont."


Hieronder wil ik de leprozenpenningen en aanverwante zaken bespreken waarvan mij iets bekend is

Enkhuizen

Leprozenpenning
Enzijdig : Mannenkopje naar rechts waaronder de letters
L.P.H.
Diameter : 52 mm (61.43 gr) en 30 mm, 5 mm dik. Uit Laurens Schulman veiling 7 12 november 1991 lot nr. 1399.
Referentie: van Orden en Schinkel nr 6, afbeelding plaat I nr. 6; Pelsdonk 242 (dit exemplaar), colPEN01
Omschrijving: No. 6 behoort tot de stad Enkhuizen, en heeft tot afbeeldsel een manskopje van een niet zeer gezond voorkomen, waarmede men denkelijk een melaatschen heeft willen voorstellen.
Artikel in de Muntkoerier, april 1994 n.a.v. bovenstaande penning op pagina 21 en 22 .  
De gemeente Enkhuizen bezit het exemplaar van 30 mm (schenking mevrouw Visser uit Schiedam).
Leprozenpenningen en leprozenkleppers
in de collectie van de Gemeente Enkhuizen.
Dit is geen afslag maar een "gebruikerslood". Een leproos moest zich, voordat hij toegang kreeg tot het Leprooshuis,
kenbaar maken met een gemerkt loodje "geteijkend met 't huijsteecken".
   
Afslag van een Leprozenpenning
 
Iets ovaal, 27 x 26 mm, 10,0 gram
Materiaal brons.
colPEN04
   
Afslag van een Leprozenpenning

31 mm, 5 mm dik, 36,96 gram
Materiaal lood.
colPEN05
Tevens collectie Teylers Museum Haarlem objectnummer TMNK 1997-216
   
Diameter 24 mm
Archeologisch onderzoek in 2010, tijdens rioolwerkzaamheden van de Noorder Havendijk tot de Compagniesbrug,
in Enkhuizen hebben ook een leprozenloodje aan het licht gebracht
Meer hierover is te vinden in de West Friese Archeologische rapporten 46 op pagina 276 en 277.
   
Uitsnede van de stadsplattegrond van Enkhuizen van Janssonius uit 1657,
met het in 1614 gebouwde leprozenhuis bij de Nieuwe Keetenpoort.
In 1608 verkregen de "Voogden der leprozen" van Enkhuizen goedkeuring voor de bouw van een leprozenhuis.
Ten behoeve van de bouw hielden de regenten met toestemming van de Staten van Holland en West Friesland een loterij.
In 1614 was er genoeg geld bijeen verzameld om te starten met de bouw.
Het leprozenhuis kwam vlakbij de Nieuwe Ketenpoort te staan.
Op de kaart in de kroniek van Brandt uit 1666 staat bij dit huis vermeld dat het toen een kruithuis was.
Het leprozenhuis was ondergebracht in het voormalige St. Cecilliaklooster.
Het Leprozenhuis had als naam het "Vergulde Hoofd".
Wellicht bevond zich in de gevel van het huis een vergulde gevelsteen met een hoofd.
Heeft dit misschien model gestaan voor de afbeelding op de penning?

 

Exemplaren uit de collectie van de Gemeente Enkhuizen (inv.nr.=BGE)

Bronzen afslag Leprozenlood
26 mm
BGE 1488
   
Bronzen afslag Leprozenlood
27 mm
BGE 1557
   
Loden afslag Leprozenlood
31 mm, 5 mm dik
BGE 1558
   
Loden afslag Leprozenlood
30 mm, 5 mm dik
BGE 4944
   
Loden, zeven kantige afslag Leprozenlood
BGE 2392
   
Loden afslag Leprozenlood
31 mm, 5 mm dik
BGE 2394
   
Loden afslag Leprozenlood
32 mm, 5 mm dik
BGE 2395
   

In de collectie van de Gemeente Enkhuizen bevinden
zich ook enkele zogenaamde "leprozenkleppers".
Aan de ene kant het wapen van Haarlem, de andere kant " LP " en het jaartal 1694 / 1699 .

Op de loodjes komen de letters L.P.H. voor.
Dit zou staan voor LeProzenHuis.
De leprozenzorg werd vanuit Haarlem geregeld. Van andere steden bestaan ook leprozenkleppers met het Haarlemse wapen.
Staan de letters misschien voor LeProzenzorg Haarlem?

In 1586 bracht Prins Maurits met een speciale "orde op het schouwen en bedelen der leprozen" de nodige eenheid in de verscheidenheid van stedelijke verordeningen. Lepralijders uit het hele land moesten zich in Haarlem laten onderzoeken. 
Zij mochten zich daarna nooit meer op straat vertonen zonder hun "lazarusklep", waarmee zij hun komst kenbaar moesten maken. Deze houten klep ontvingen zij bij de "schouw" in de Sint-Jacobskapel te Haarlem.
De klep was voorzien van het wapen van Haarlem, de stad waar de 'vuylbrief' was verstrekt.
   

Gouda

    Leprozenloodje.
Enzijdig : Afbeelding van een lazarusklep met daarnaast het jaartal 16 - 11 en daarboven GOVDA.
Diameter : 25 mm. Referentie: van Orden en Schinkel nr 5, afbeelding plaat I nr.5. Artikel in de Muntkoerier april 1994 bladzijde 21 en 22. Exemplaren gezien in de januari prijslijst van A.G. v.d. Dussen 1981 nr. 312; en in de collectie van het Catharina Gasthuis te Gouda.
In de collectie van Museum Gouda bevindt zich een exemplaar met de volgende omschrijving: 'inventaris nummer 10.627, leprapenning van de stad Gouda, 1611, lood.
Deze penning werd uitgedeeld door de Lazarusmeesters en gaf toegang tot het leprooshuis.
Ook bezit het museum twee lazaruskleppers van hout en touw uit 1787, inventarisnummers 20785a en 20785b met de volgende  omschrijving (foto's Marja K.).
   

Culemborg

In de collectie van het Museum Elisabeth Weeshuis
te Culemborg, bevindt zich onder nummer 0952 een Lazarusklep met vuilbriefje.
Aan de buitenzijde van de kleppen is in het hout
de tekst 'LP 1738' en een kruis met 5 sterren uitgesneden. (AK: wapen van Haarlem)
   

Amsterdam

Amsterdams Historisch Museum
Leprozenklepper uit 1612
   
Leprozenklepper 1794  
   

Diversen

Op het schilderij van Jan Steen
In Weelde Siet Toe, ca 1670,
is in de hangende mand ook een leprozenklepper afgebeeld.
  
   
De melaatsenklepper in het Museum van O.L.-Vrouw-ter-Potterie te Brugge. Antiek februari 1988